Ga naar hoofdinhoud
Innovatiedistrict Breda, naar home

We moeten tuinieren, niet tekenen

Daan Zandbelt
De Zwarte Hond

Daan Zandbelt is Spoorbouwmeester, voormalig Rijksadviseur en partner bij De Zwarte Hond, een bureau voor architectuur en stedenbouw met vestigingen in Rotterdam, Groningen, Keulen en Berlijn. Zijn team werkt aan de herontwikkeling van het Slingerweggebied in Breda – een belangrijk onderdeel van het Innovatiedistrict. “Als het ruimtelijk niet klopt, ontstaan er geen vonkjes.”

Wat is het plan voor het Slingerweggebied?

“Het is nu vooral een plek om snel weg te gaan. Er staan hekken, slagbomen en er is veel parkeren; het voelt afgesloten en onveilig. Terwijl het op een strategische plek ligt, vlakbij het station en de binnenstad. We willen dit gebied letterlijk openbreken, verbinden en vergroenen.

De Slingerweg slingert langs de oude vestingwallen – die nooit recht liepen – en enkele panden aan de Tramsingel herinneren nog aan het verleden van de Etna-fabriek die er stond. Die geschiedenis geeft het gebied karakter. Oude gebouwen zorgen voor eigenheid en betaalbaarheid; ze vormen de basis waarop je verder kunt bouwen.

We maken hier ruimte voor creatieve makers en de maakindustrie, met robotica als belangrijk speerpunt. Daarnaast komt er plek voor starterswoningen met werkruimtes in de plint. Zo ontstaat er activiteit op elk moment van de dag. De combinatie van functies is belangrijk: dat zorgt voor levendigheid, sociale controle en veiligheid.”

Hoe past dit binnen het grotere geheel?

“Het Innovatiedistrict is eigenlijk één groot ecosysteem. Elk deelgebied heeft daarin zijn eigen rol. Breda heeft zich lang als woonstad gepositioneerd – dat is comfortabel, maar ook kwetsbaar. We moeten weer leren om te maken, te experimenteren. Dat gaat hier gebeuren.

Mijn vakgebied, stedenbouw, ging vroeger uit van controle: iets bedenken, tekenen, opleggen. Dat werkt niet meer. Maar je kunt wél verleiden. Je moet de juiste condities creëren waarin ondernemers, studenten en bewoners elkaar kunnen versterken. Vergelijk het met tuinieren. We hebben goed gereedschap nodig – plannen, investeerders, energie – maar het echte leven groeit op zijn eigen tempo.

Goede gebiedsontwikkeling haalt mensen uit hun kantoren. Het zorgt ervoor dat ze elkaar ontmoeten, elkaar zien werken, ideeën uitwisselen. De buitenruimte speelt daarbij een grote rol. Maak een bepaalde route aantrekkelijk en logisch, met plekken om te zitten of toevallig iemand tegen te komen. Qua programma en netwerken alles goed geregeld hebben is onvoldoende – als het ruimtelijk niet klopt, ontstaan die vonkjes niet, dan ontstaat er geen innovatie.”

We hebben goed gereedschap nodig - plannen, investeerders, energie - maar het echte leven groeit op zijn eigen tempo.

Daan Zandbelt

Waarom ontstaan er innovatiedistricten?

“Honderd jaar geleden waren wonen en werken bewust gescheiden. Dat had een logische reden: fabrieken waren lawaaiig, vervuild en gevaarlijk. Je wilde daar niet naast wonen. Maar dat model is achterhaald. Tegenwoordig is veel werk niet meer vies of giftig – het mag juist weer de stad in. Dat maakt een wijk levendiger, weerbaarder en socialer.

We zijn nu bezig die mengvorm opnieuw uit te vinden. Dat vraagt samenwerking en de moed om los te laten. In Nederland hebben we een sterke neiging om alles dicht te regelen, in de economie én in de ruimtelijke ordening. Maar innovatie vraagt om ruimte.

Daarnaast hebben we lange tijd vooral ingezet op de kenniseconomie, op het bedenken van nieuwe concepten. Maar kennis krijgt pas waarde als je het toepast. Het hbo brengt universitaire kennis – die vaak universeel is: die is waar in de hele wereld – naar de praktijk van de regio. Die komt zo bij mbo’s terecht en helpt het lokale midden- en kleinbedrijf vernieuwen; waar je als mkb’er, wijzelf ook, vaak te weinig tijd voor hebt. In een innovatiedistrict komt dat hele palet aan disciplines bij elkaar.”

Wat is de rol van duurzaamheid?

“Duurzaamheid zit op verschillende lagen. Het begint al met hergebruik: we vernieuwen een verouderd bedrijventerrein in plaats van nieuwe grond aan de rand van de stad te bebouwen. Dat scheelt enorm in materiaal en infrastructuur. Ook de omgeving profiteert: de aanliggende wijken krijgen een prettiger, groener uitzicht en betere verbindingen.

Een belangrijk element wordt de groene route van ’t Zoet naar de binnenstad, die dwars door het gebied loopt. Daarmee verbeteren we de bereikbaarheid, waardoor mensen minder afhankelijk worden van de auto. En we verbeteren het klimaat in de stad: meer bomen, minder verharding, minder hittestress.”

Hoe wordt dit een succes?

“Succes komt uit de local buzz, het contact van elke dag, maar ook uit de global pipelines, de verbinding met buiten. Breda ligt daarvoor ideaal: centraal in Brabant, internationaal goed bereikbaar, dicht bij andere kennissteden. Dat maakt het robuust. De gemeente speelt daarin drie rollen. Als aanjager, door visie en lef te tonen. Als investeerder, door haar grondposities en vastgoed slim in te zetten. En als launching customer, door producten en diensten van bedrijven in het district af te nemen. Zo geef je innovatie niet alleen ruimte, maar ook vertrouwen.”